Toepassingsmogelijkheden
Het meetinstrument Ondernemend Management in Beeld heeft verschillende toepassingsmogelijkheden. Al naar gelang de situatie kunnen deze afzonderlijk of gecombineerd worden toegepast.
De volgende toepassingen worden onderkend:
1. Absoute meting;
2. Vergelijking beeld directie ten opzichte van het middelmanagement;
3. Benchmark ten opzichte van andere vergelijkbare organisaties;
4. Veranderingsinstrument binnen de organisatie;
5. Klant scoort de organisatie;
6. Klant-leverancier vergelijking door de score van de eigen organisatie te vergelijken met de score van de klant.
Ad 1 Absolute meting
In de absolute meting van ondernemend management wordt per dimensie het gemiddelde bepaald en weergegeven in het spinnenwebdiagram. Het instrument geeft de mate weer waarin een organisatie meer besturend of meer ondernemend van karakter is. Ook geeft het instrument weer of er sprake is van onbalans in het profiel. Zo kan de organisatie een sterk ondernemende groeiambitie hebben, maar is er gelijktijdig een besturende strategische oriëntatie. Dit biedt een basis voor analyse en aanbevelingen omdat een onbalans in het profiel duidt op problemen.
Ad 2 Vergelijking beeld directie t.o.v. middelmanagement
Aanvullend op de voorgaande analyse is het mogelijk het beeld van de directie af te zetten t.o.v. het beeld van het middelmanagement en lagere management. In een spinnenwebdiagram worden dan beide profielen ten opzichte van elkaar gepresenteerd. Wel moet daarbij bedacht worden dat het beeld van de directeur slechts gebaseerd is op één meting. Mochten daar foutieve scores in zitten op grond van verkeerde interpretaties van vragen, dan kunnen daar verkeerde conclusies aan verbonden worden. Validatie van de score van de directeur is dus noodzakelijk in deze toepassing. In deze toepassing van het meetinstrument Ondernemend Management in Beeld gaat het niet zozeer om de absolute scores maar om de verschillen in de scores. Waarom waardeert bijvoorbeeld het middelmanagement de groeioriëntatie als besturend terwijl de directie juist een meer ondernemende groeiambitie door een hogere score heeft. Dit kan duiden op een communicatieproblemen of een organisatieprobleem. Daarmee ontstaat een basis voor een veranderingsproces binnen de organisatie.
Ad 3 Benchmark ten opzichte van andere vergelijkbare organisaties
In deze toepasing kan de score van de eigen organisatie worden vergeleken met die van een groep vergelijkbare organisaties. Belangrijk daarbij is dat de referentiegroep in een zelfde type markt en omgeving actief zijn. Deze benchmarkt veronderstelt wel een goed gevulde referentiedatabase. Zover zijn wij helaas nog niet, maar het is nadrukkelijk wel onze doelstelling om in deze mogelijkheid te gaan voorzien.
Ad 4 Veranderingsinstrument binnen de organsiatie
In deze toepassing gaat het feitelijk niet om de scores als zodanig, zowel in absolute als in relatieve zin ten opzichte van elkaar. Het instrument wordt in deze toepassing veel meer ingezet als een veranderingsinstrument waarin juist de discussie met elkaar over de verschillende vragen en de mogelijke scores interessant is. Daarmee wordt een veranderingsproces op gang gebracht waarbij met name ook het middelmanagement betrokken wordt in een strategische discussie over welk profiel een organisatie zou moeten hebben.
Ad 5 Klant scoort de organisatie
In deze toepassing worden één of meer klanten ingezet om het profiel van de organisatie te scoren. Klanten vullen dan hun beeld in van de organisatie dat vergeleken wordt met het eigen profiel van de organisatie. Op zich is dit een zeer interessante toepassing waarbij wel als kanttekening wordt genoemd de mate waarin een klant ook echt inzicht heeft in de organisatie. Wanneer het gaat om grote klanten met fundamentele vormen van diensten en producten heeft de klant waarschijnlijk meer inzicht in de organisatie en ontstaat er een reëler beeld van de organisatie.
Ad 6 Klant-leveranciervergelijking.
In deze toepassing wordt het instrument ingezet om de klant-leverancier relatie transparanter te maken en indien nodig ook te verbeteren. Een veronderstelling daarbij is dat het profiel van de organisatie enigszins overeen komt met het profiel van de klant. In deze toepassing wordt bij één of meer klanten een meting gemaakt van de leverancier. Vervolgens wordt het gemiddeld klantprofiel of de individuele profielen van de klanten vergeleken met het eigen profiel. Als er sprake is van grote verschillen kan dit duiden op een oorzaak van problemen in de klant-leverancier verhouding. Daar liggen bijvoorbeeld oorzaken van een problematische outsourcing. Er wordt verwezen naar het onderzoek Strategische outsourcing vanuit ondernemerschapsperspectief.
